De winkel van morgen hoeft niet digitaler te zijn.

De winkel van morgen moet relevanter zijn.

AI. Automatisering. Data. Self-checkout.
Als we over retailinnovatie spreken, kijken we bijna automatisch naar technologie. Volgens mij zitten de interessantste innovaties vandaag ergens anders. Innovatie in retail zit bij ondernemers die vooral scherper durven kiezen: Voor wie wil ik er zijn? Waarom zou iemand nog naar mijn fysieke zaak komen? En hoe bouw ik rond dat antwoord een rendabel bedrijf?

Twee ondernemers die ik van dichtbij mag volgen, tonen hoe krachtig die beweging kan zijn: Lena Simao van Eigenwijs en Marte Moerman van Joyettes: twee heel verschillende concepten, die dit jaar allebei de shortlist van Newcomer Retail of the Year haalden.

Eigenwijs: de plek ís het product

Eigenwijs in Merchtem lijkt op het eerste gezicht een speelcafé, maar het interessante zit veel dieper. Lena kiest radicaal voor één doelgroep: ouders met jonge kinderen. Niet iedereen hoeft klant te zijn. Een beperkte horecakaart, spelen, een geselecteerd winkelaanbod, workshops, educatie en communityversterkende activiteiten worden samengebracht rond wat die specifieke klant nodig heeft. Zelfs de eigenzinnige openingstijden vertrekken vanuit die logica. Hier wordt niet gewoon koffie verkocht. De plek zelf wordt het product. Achter die warme beleving zit verrassend veel structuur.

Eigenwijs is tegelijk een soort MVP: Lena test, leert, meet, legt processen vast en stuurt bij. Met de ambitie om een concept te bouwen dat op termijn ook op andere locaties kan werken.

Dat is meer dan horeca uitbaten. Dat is een schaalbaar retailconcept bouwen.

Joyettes: van online retail opnieuw naar fysieke retail

Joyettes maakt de omgekeerde beweging. Pralines zijn bij uitstek een fysiek product: kijken, ruiken, proeven, kiezen. En toch bouwde Marte eerst een sterke online propositie, met directe communicatie met klanten en in de back-office veel aandacht voor cijfers, verkoop en marketing. Vanuit die digitale basis ontstaat opnieuw behoefte aan fysiek contact, niet noodzakelijk aan de klassieke pralinewinkel, maar aan ateliers, beleving, kennis en expertise.

Dat vind ik geweldig boeiend! De discussie online versus offline wordt daarmee irrelevant. De betere vraag die Marte zich ook stelt is: welke rol moet elk kanaal in mijn businessmodel spelen? Online kan efficiënt verkopen. Fysieke retail kan vertrouwen, expertise, ontmoeting en merkwaarde bouwen.

Eigenzinnig zijn én rekenen

Eigenwijs vertrekt fysiek en denkt richting schaalbaarheid. Joyettes vertrekt online en herontdekt de waarde van fysiek. Onderliggend doen ze hetzelfde. Ze kiezen scherp voor een klant. Ze bouwen een eigen propositie. Ze testen, ze meten, ze sturen bij. Want een Instagramwaardige winkel of een sterke community is nog geen duurzaam bedrijf.

De retailer van vandaag moet ook retail owner zijn: iemand die zijn cijfers kent, processen optimaliseert, openingsuren evalueert, personeelsinzet bewaakt en weet welke producten, activiteiten en klanten daadwerkelijk rendement opleveren.

Eigenzinnig zijn én rekenen. Beleving creëren én processen bouwen. Community vormen én rendement bewaken.

Daar zit voor mij de echte innovatie.

En onze handelskernen?

Vanuit KERN KRACHT werk ik dagelijks met ondernemers, steden en gemeenten aan sterkere handelskernen. Daar investeren we terecht in evenementen, leegstandsaanpak, campagnes en pop-ups. Maar een kern wordt niet duurzaam sterker omdat er enkele weekends per jaar veel volk rondloopt.

Een sterke kern heeft ondernemers nodig die er morgen nog zijn. Dat zijn ondernemers die opnieuw een reden creëren om naar een fysieke plek te komen. Dat is niet omdat je hun product nergens anders kunt kopen, maar omdat product, expertise, ontmoeting en beleving samen relevant genoeg zijn om die verplaatsing te maken.

Dat net Eigenwijs en Joyettes nu op de shortlist van Newcomer Retail of the Year staan, maakt me daarom bijzonder trots. Ik mocht beide ondernemers coachen en zag van dichtbij hoeveel denkwerk, testen en bijsturen achter hun concepten zit. Hun nominatie bevestigt voor mij vooral iets groters:

De fysieke winkel verdwijnt niet. Zijn functie verandert.

Misschien moeten we daarom minder vragen hoe we mensen opnieuw naar winkels krijgen en vaker deze vraag stellen:

Welke winkel is vandaag nog de moeite waard om naartoe te gaan?

Volgende
Volgende

Boston als blauwdruk voor verbonden stadskernen